|
In elkaar zetten en afwerken;
De 6 segmenten (B) onder de vloerplaat (C) lijmen en als de lijm droog is op de reeds afgewerkte bodemplaat (A) lijmen, daarna de segmenten tussen de bodemplaat en de vloerplaat afwerken met strookjes triplex van 4 mm die aan de uiteinden schuin gemaakt moeten worden om ze goed te laten passen. Daarna de 6 pilaren (E) in de vloerplaat lijmen, waarna de plafondplaat (C) met lijm op de pilaren vastgezet wordt. Daarna de 6 afwerkranden (G) voor het plafond aan de uiteinden schuin afvijlen, zodat ze goed tussen en tegen de pilaren passen en dan pas vastlijmen. Daarna de 5 onderranden voor de balustrade (F) tussen de pilaren op de vloerplaat vastlijmen, maar wel zodanig dat de balustradeplaatjes goed recht komen te staan, als de balustraderand met de ingelijmde balustradeplaatjes later tussen de pilaren geplaatst wordt. De balustraderanden met de ingelijmde balustradeplaatjes worden nog niet geplaatst, omdat het verfwerk anders niet goed uit te voeren is. Nu gaan we, na goed schuren, de reeds in elkaar gezette delen + de losse balustraderekjes + trapje, in de gewenste kleur verven, wat 3 of 4 keer moet gebeuren. Tussen iedere verdaag het verfwerk ook weer licht opschuren en goed stofvrij maken. Dan lijmen we de losse balustraderekjes tussen de pilaren en tegen de binnenkant van de reeds geplaatste onderrand, daarna lijmen we het trapje vast op zijn plaats.
|